AANVULLENDE & ZWARE ONDERSTEUNING

1. Samenwerkingsverband 2202-PO is verantwoordelijk voor de extra/aanvullende en zware ondersteuning in clusters 3 & 4.

2. Wat is een arrangement? De definitie/woordverklaring.

3. Extra & zware ondersteuning wat houdt dat in?

4. Welke (extra) ondersteuning biedt een school?

5. Extra/aanvullende ondersteuning op de “gewone” basisschool.

6. Wat is een ondersteuningsteam?

7. Wanneer krijgt een leerling zware ondersteuning?

8. Waarom een ontwikkelingsperspectief?

9. Verhuizen met aanvullende ondersteuning. 

speciaal onderwijs

1. Samenwerkingsverband 2202-PO is verantwoordelijk voor de extra/aanvullende en zware ondersteuning in clusters 3 & 4.

Wanneer de school of samenwerkingsverband 2202-PO besluit dat de school en|of het samenwerkingsverband niet helemaal aan haar zorgplicht kan voldoen wordt een route gestart voor de aanvraag van extra ondersteuning.
Wanneer voor een leerling extra/aanvullende of zware ondersteuning wordt aangevraagd spreken we over een arrangement.

De scholen voor speciaal (basis)onderwijs zijn verdeeld in 4 clusters: 

  • cluster 1: scholen voor leerlingen met een visuele beperking
  • cluster 2: scholen voor leerlingen met een auditieve en|of communicatieve beperking

Cluster 1 & 2 vallen niet onder het samenwerkingsverband.
De scholen en de begeleiding voor onderwijs aan kinderen met een zintuiglijke ondersteuningsbehoefte (cluster 1), een auditieve en/of communicatie beperking (cluster 2) vallen niet onder het samenwerkingsverband, maar worden landelijk georganiseerd.
Meer informatie over cluster 1 & cluster 2 scholen vindt u bij hier>> 

  • cluster 3: scholen (Mytyl|Tyltyl) voor leerlingen die veel moeite hebben met leren en|of lichamelijke beperkingen en voor leerlingen die langdurig ziek zijn
  • cluster 4: scholen voor leerlingen met een psychische beperking

Alle scholen voor speciaal onderwijs (cluster 3 & 4) maken bestuurlijk deel uit van samenwerkingsverband 2202-PO. De plaatsing van leerlingen op deze scholen voor speciaal onderwijs is de verantwoordelijkheid van ons samenwerkingsverband. 

2. Wat is een arrangement? De definitie/woordverklaring.

Het geheel aan pedagogische (opvoedkundige), didactische (onderwijskundige) en specialistische handelingen die de school, binnen een bepaalde organisatorische context en in samenwerking met derden, uitvoert met het doel de ontwikkeling van de leerling te optimaliseren. (Bron: SLO)

3. Extra/aanvullende & zware ondersteuning wat houdt dat in?

Samenwerkingsverbanden zijn verantwoordelijk voor de aanvullende & zware ondersteuning op school. Aanvullende ondersteuning is bijvoorbeeld onderwijs op een speciale basisschool. Zware ondersteuning is onderwijs op een school voor speciaal onderwijs (cluster 3 & 4).

4. Welke (extra) ondersteuning biedt een school?

Elke school heeft een schoolondersteuningsprofiel. Daarin staat welke ondersteuning en extra ondersteuning de school kan geven. Er is verschil tussen basisondersteuning en extra ondersteuning. Basisondersteuning is de ondersteuning die elke school in de regio biedt. De basisondersteuning is voor alle scholen en dus voor alle kinderen gelijk.

Sommige scholen bieden zelf extra ondersteuning aan leerlingen die tijdelijk extra begeleiding nodig hebben. Meer over het schoolondersteuningsprofiel leest u hier>>

5. Extra/aanvullende ondersteuning op de “gewone” basisschool.

opmaatVoor elke leerling die extra ondersteuning nodig heeft maken we een arrangement op maat. Deze aanvullende ondersteuning wordt toegekend en betaald door samenwerkingsverband 2202-PO.

De 1e stap voor het aanvragen van een arrangement is een bespreking in het ondersteuningsteam op school. Samen met ouders en school maken we een arrangement op maat. We gaan daarbij uit van wat de leerling nodig heeft. Ook is het mogelijk dat de school samen met de ouders zoekt naar een andere gewone basisschool die de extra ondersteuning voor deze leerling wèl kan geven.

6. Wat is een ondersteuningsteam?

Iedere basisschool heeft een ondersteuningsteam voor de bespreking van kinderen met een extra hulp vraag. In het ondersteuningsteam bespreken we samen met ouders de vraag;
“Wat heeft deze leerling nodig om een bepaald doel te behalen?”
De ouders worden altijd uitgenodigd om bij deze bespreking aanwezig te zijn. Ook vraagt de school toestemming aan de ouders voor deze bespreking.

In het ondersteuningsteam zitten de directeur, de intern begeleider en een onderwijscoach (vanuit het samenwerkingsverband). Wanneer er aanleiding is kan een gezinscoach vanuit jeugdhulp / Centrum voor Jeugd en Gezin, aanschuiven. Daarnaast kunnen andere deskundigen deelnemen aan het overleg, bijvoorbeeld een orthopedagoog.

7. Wanneer krijgt een leerling zware ondersteuning?

Voor sommige leerlingen is een (tijdelijke) lesplaats in het speciaal (basis)onderwijs de meest passende plek. We noemen dit zware ondersteuning. Voor een lesplaats in het speciaal (basis) onderwijs is een toelaatbaarheidsverklaring nodig. Om te beoordelen of een kind een toelaatbaarheidsverklaring krijgt, vraagt het samenwerkingsverband advies aan deskundigen.
Meer informatie over de toelaatbaarheidsverklaring vindt u bij hier>>

Voor een lesplaats op een cluster 1 of 2 school geldt een andere (landelijke)regeling. Het samenwerkingsverband beoordeelt dan niet of uw kind wordt toegelaten, maar de Commissie van Onderzoek van cluster 1 of 2. U leest hierover meer bij “ketenpartners” op deze website. 

8. Waarom een ontwikkelingsperspectief?

De school stelt een ontwikkelingsperspectief op voor leerlingen die extra ondersteuning nodig hebben. In het ontwikkelingsperspectief staat welke ondersteuning en begeleiding de leerling krijgt om haar of zijn doel te halen. De school voert op overeenstemming gericht overleg met de ouders over het ontwikkelingsperspectief. Voor kinderen met extra ondersteuning en voor alle kinderen in het speciaal (basis)onderwijs is het verplicht om een ontwikkelingsperspectief op te stellen.
Meer informatie over het ontwikkelingsperspectief vindt u bij hier>> 

9. Verhuizen met extra/aanvullende ondersteuning.

Een leerling functioneert nu goed met aanvullende ondersteuning in het gewoon basisonderwijs. Hij of zij verhuist naar een andere woonplaats en wil daar ook graag aanvullende ondersteuning op een gewone basisschool ontvangen. De ouders melden de leerling dan aan op deze nieuwe school. Elke school beoordeelt opnieuw of de leerling aanvullende ondersteuning nodig heeft en hoe de school dit het beste kan invullen. De school schat op basis van de ontvangen informatie (bijvoorbeeld het ontwikkelingsperspectief van de oude school) in of de leerling ook op de nieuwe school aanvullende ondersteuning nodig heeft.